Billy

Bij het woord ‘relatie’ denken we meestal aan onze verhouding met de medemens. Maar we staan natuurlijk in relatie tot alles. Tot de kleren die we dragen, de boeken die we lezen, het weer, de politiek, ongedierte enzovoort. En over elk van die dingen hebben wij zo onze gedachten – nimmer neutraal!

Ik heb wel eens ervaren, dat zelfs de kleren in mijn kast mij boos aan leken te kijken. Gelukkig besefte ik terdege, dat dit ‘alleen maar’ iets zei over mij. Maar dan wel Alles! Toch lukt het mij nog steeds niet om ook Alles te beminnen. Ik koester zogezegd mijn wrokjes onder het motto: de uitzondering bevestigt de regel. Een mens moet toch ergens zijn agressie aan kwijt? En die nieuwe verkeersregels zijn toch ook vreselijk?

Omgekeerd groeien
Enfin. Gelukkig zijn er ook uitzonderingen in omgekeerde richting, die de liefde juist doen groeien. Mijn favoriete uitzondering is de relatie met Billy, mijn 17 jaar oude kat. Op het eerste gezicht vrij gewoontjes met zijn doorsnee Cyperse snit, maar als je hem eenmaal beter leert kennen, is hij werkelijk onweerstaanbaar! Want Billy houdt van Alles en Iedereen.

Billy neemt mij voor wat ik ben

Dat begint al met het aanvaarden van mij, als persona in al mijn staten. Of ik nu griep heb en stink naar het zweet; ongegeneerd in mijn neus peuter, vals zing of persoonlijk op hem ‘kat’ vanwege een kotsbui: Billy neemt mij voor wat ik ben. Sta ik per ongeluk vol op zijn staart omdat hij altijd om mij heen kroelt? Eén verschrikt kreetje en het is alweer vergeten en vergeven. Prrrr! Goddelijke muziek.
Nachtenlang ligt hij spinnend op mijn kussen of met zijn warme lijf als een kacheltje tegen mij aan. Ik heb dan ook zelden behoefte aan andere gasten. En met zijn ruime assortiment aan mauwtjes, piepjes en knorretjes communiceren wij heel wat af! Want ja, praten doe ik ook met Billy. Al mijn verhalen, gelardeerd met welke emoties dan ook, kan ik vrijuit bij hem spuien, zonder dat ik ooit word tegengesproken of onderbroken (hooguit met een sprong op mijn schoot om de gezelligheid te verhogen) – we lijken wel een AH-duo! Ook zwijgend begrijpen wij elkaar volkomen. ‘Waren er maar mensen zoals hij’, verzuchtte een vriendin laatst. Maar waarom zou de mens moeten zijn als een kat, als er al zulke katten bestaan? Plaatjesplakkerij!

Trouwe hond
Om zijn areaal van liefde te vergroten, zit Billy ’s morgens vroeg al voor de deur om Iedereen en Alles (dus ook de boom) kopjes te geven en zo nodig spinnend binnen te laten – een dief zou hij het hele huis laten zien! Billy heeft namelijk nóg een meerwaarde: hij denkt dat hij een hond is. Trouw volgt hij het buurmeisje dat hem van schoteltjes melk voorziet; de buurvrouw die de vogeltjes voert; en mij als ik richting koelkast ga. 

Even loyaal begroette hij, nu twee jaar geleden, een passerende mede-hond. Een fatale vergissing. Want toevallig had deze Shar-Pei een Bad Day. U weet wel, zo’n enge-grote-grijze hond  met overdreven veel huidplooi en belachelijk kleine oortjes. Billy werd gepakt en niet meer losgelaten; de buren die het zagen hoorden zijn botten kraken. Met gevaar voor eigen leven schopte een buurvrouw de hond van Billy af, die al ten dode leek opgeschreven. We brachten hem, bibberend hoopje ellende, met spoed naar het dierenhospitaal. En al zijn echte vrienden -zo’n vijftien in totaal- kwamen geschokt mee, in het kielzog van mijn zonen, om afscheid te kunnen nemen van ‘hun’ Billy. De dierenarts had naar eigen zeggen zoiets nog nooit eerder meegemaakt; in groepjes van drie mochten we om de beurt de patiënt bezoeken, die in eenzame afzondering aan het infuus lag, ernstig verzwakt.

Hartstochtelijke steun
Maar zowaar, hij overleefde het: een wonder dat volgens mij vooral te danken was aan de hartstochtelijke steun van zijn grote mensen-vrienden. ‘Billy, niet dood gaan! Billy, we kunnen niet zonder je!’ Ware Liefde wordt immers door ons allemaal herkend, of die nu van een mens of een dier afkomstig is. En wie snakt daar niet naar?

Ware liefde wordt door iedereen herkend. En wie snakt daar niet naar?

Na drie retourtjes hospitaal kon Billy definitief naar huis. Sindsdien mijdt hij de voortuin. Want zelfs alomvattende liefde kent zijn grenzen van zelfbehoud. Uit zijn borst steken twee botten, die herinneren aan het verleden. Ik aai ze vaak en extra teder.

Eind goed, al goed; in meerdere opzichten. De schade werd vergoed door de eigenaresse, die gelukkig uitstekend verzekerd was. En de Shar-Pei verhuisde naar haar ex, ver weg.
Kort nadien kondigde mijn jongste zoon aan, hevig verliefd  te zijn geworden op een ‘prachtige vrouw’. Binnenkort zou hij haar meenemen en voorstellen. ‘Aan jou én aan Billy, hahaha!’
Twee dagen later kwam hij ietwat bleekjes thuis. Alleen. ‘Ook gebeten door een Shar-Pei?’ grapte ik. Nee, misschien wel erger: zijn nieuwe vriendin bleek de voormalige eigenaresse van die hond te zijn geweest!
Ik moest eventjes slikken. Maar toen zei ik: ‘Nou, ze heeft de zaken wel keurig afgehandeld.’ Dat brak het ijs.

Het leven maakt het soms bonter dan de sterkste staaltjes van menselijke fantasie. Want het verhaal is nog niet uit: sinds enkele maanden ben ik namelijk de gelukkige oma van hún dochter. En die hebben ze naar mij vernoemd. Kan het liefdevoller? Ja! Want ik vroeg: ‘en als het nou een jongetje was geweest?’ Zegt mijn zoon: ‘dan heette hij Billy!’

[Gepubliceerd in ‘Van Hart Tot Hart’ nr. 1, 2014]

 

 

Comments are closed.